MEN IN BLACK Latest Revelations on Sinister and Deadly MIB https://youtu.be/9f4mhbp8C64
.
woensdag 28 december 2016
dinsdag 27 december 2016
EDUKATIEF
PROGRAMMA VOOR
SOCIAAL
GEISOLEERDEN
1
DAG SCHOLING (collectief en intern)
4
DAGEN BUITENSCHOOLSE OPDRACHTEN OF WERK
STAGES,
KORTLOPENDE ERVARINGSTRAJECTEN, VRIJWILLIGERSWERK. MAATSCHAPPELIJK
RELEVANT ONDERZOEK
INTERNE
SCHOLINGSACTIVITEITEN: MODULAIR EN INTERACTIEF
- DE GESCHIEDENIS VAN HARLINGEN EN DE REGIO– VERGELIJKENDE GODSDIENST-WETENSCHAPPEN
- TAAL (FRIES, ENGELS, NEDERLANDS)
- MAATSCHAPPIJLEER
- HANDVAARDIGHEID– SPORT(SCHOOL)
maandag 26 december 2016
DE
KERSTSTAL VAN GROOTVADER
Jelle
drukte zijn neus tegen de ruit van de bakkerij aan de Voorstraat. De
etalage was volgepakt met suikerbroden, kerstkransen en marsepein.
Zijn maag rammelde bij het zien van al dat lekkers. Er was de
afgelopen dagen veel sneeuw gevallen en de weinige automobielen, die
Harlingen rijk was, bleven steken in de sneeuwhopen. Zwarte Jan, de
kolenhandelaar trok een zware kar door de rulle sneeuw, geholpen door
zijn zoons. De scholen waren al een week gesloten om kolen te sparen.
Maar daar werd Jelle niet blij van. Nu had hij nog meer tijd om te
piekeren.
Na
Sinterklaas was het bij Jelle thuis de gewoonte om de kerststal op te
zetten. Dat deed vader, terwijl ze allemaal, moeder, de zusjes en
hij, toekeken.
De
kerststal was gemaakt door grootvader. Hij had de beelden van Jozef,
Maria en het kindeke Jezus gesneden en geverfd. Ook de drie koningen,
de herders en de beesten waren prachtig. Elk jaar werd de kerststal
op dezelfde plaats opgebouwd, naast de warme kachel.
Maar
dit jaar was de kerststal nog steeds niet opgezet. En dat was ook de
reden waarom Jelle zo piekerde en somber was.
Vader,
die als 1e stuurman op een vrachtschip voer, was nog steeds niet met
de boot uit Amsterdam gearriveerd. Elke dag liep hij de pier af en
keek naar de schepen, die af en aan voeren. Maar Jelle's vader was
niet aan boord. Moeder was al een paar keer bij de rederij
langsgegaan om navraag te doen. Maar wisten ze ook niet veel meert
vader's schip op tijd uit Rio de Janeiro was vertrokken.
Nu
was het al bijna kerstavond en vader had de stal nog steeds niet op
kunnen zetten.
Jelle
liep de stil geworden Voorstaat af en sloeg de donkere steeg in, die
naar de Lanen voerde. Hier had vader jaren geleden een huisje
gekocht. In de steeg begon hij plotseling te rennen en glibbered en
glijdend rende hij de Lanen af. Hij zag al van verre, dat er licht
brandde in de voorkamer van hun huis en dat er mensen voor de deur
stonden.
Jelle
schrok, zou er slecht nieuws zijn? Hij begon nog harder te rennen.
Zonder iets te zeggen duwde hij buurman Honnema aan de kant en
stormde naar binnen. Het eerste dat hij zag, was dat de kerststal
naast de kachel stond. Jelle tuimelde kamer in en daar zat vader, in
zijn gebruikelijke stoel. Zijn plunjebaal lag nog op de grond, zijn
jas erbovenop gelegd. Met een kreet van vreugde sprong Jelle bovenop
zijn vader. De stoel wankelde en vader wist nog maar net zijn
evenwicht te bewaren.
“Zo
jongen,”, zei de zeeman. “Wat ben ik blij om je te zien!”
Jelle duwde zijn gezicht diep in vaders baard. Hij rook naar zout en
tabak.
Het
huisje aan de Lanen vulde zich met buren en bekenden. Moeder stuurde
Jelle's zus naar de winkel om chocolademelk. Het huisje puilde uit,
iedereen was blij. Alle Harlinger zeelui waren dit jaar heelhuids
thuisgekomen.
Wie
er met het zingen van kerstliederen is begonnen, vertelt deze
geschiedenis niet. Maar de de trekzak was van Blauwe Kees, die op elk
feestje te vinden was. Pas ton het klokje van gehoorzaamheid, om tien
voor tien, sloeg, liep het huisje leeg.
Jelle,
die eigenlijk al lang in de bedstee had moeten liggen, zat de hele
avond dicht bij de kerststal. Het gezang en de vrolijkheid vergetend,
tuurde hij naar de beeldjes in de stal.
Grootvader
had iets aan het traditionele kerst-tafreel toegevoegd. Aan de voeten
van Jezus lag een jonge herdershond. Dat was Syt, de hond van
grootvader. Maar zij waren al jaren geleden overleden.
Jelle
ging zo op in zijn gedachten, dat hij niet zag, dat vader en moeder
gearmd voor het raam stonden. Ook hoorde hij niet, dat moeder vroeg,
wanneer hij weer naar zee moest.
“Over
drie dagen, moet ik weer naar Amsterdam. Dan zijn ze klaar met
laden.”
Hij
drukte zijn vrouw dicht tegen zich aan. “Ik breng onze zoon wel
even naar boven.” De tranen in haar ogen zag hij niet, toen hij
Jelle optilde, op zijn schouder legde en de trap opklom.
In
de besneeuwde stad begonnen de kerstklokken te luiden.
zaterdag 24 december 2016
Een
andere kijk op Harlingen
OP
ZOEK NAAR DE TEMPELIEREN-SCHAT
Het
Wapen van Harlingen (2)
Trots
bewaken 4 leeuwen de brug, die de sas overspant. Een waardige entree
naar de binnenste ring, van de oude stad.
In
hun klauwen een wapenschild. Een schild met vier kwartieren, 2 rood
en 2 wit. Op de kwartieren twee verschillende symbolen: een 8-tal
kruizen (2x 4)en twee maal drie “fleur de lis”. Volgens
plaatselijke verhalen, volgen de leeuwen met hun ogen de passanten.
Een
wapenschild wordt altijd zorgvuldig gekozen en verwijst naar de
oorsprong en verworvenheden van een stad.
Harlingen
was een stad. Met stadsrechten uit 1234. Het is echter onduidelijk,
welke autoriteit de stadsrechten heeft verleend. De Duitse keizer of
een van zijn vazallen? De Duitse adelaar ontbreekt echter (vgl.
Arnhem en Deventer).
De
kleuren rood en wit hebben in de heraldiek een specifieke betekenis.
Rood
staat voor moed, revolutie, kracht, bloed, eer en/of loyaliteit. Wit
betekent onder andere georganiseerde religie, puurheid, onschuld en
overgave.
Rood
en Wit worden gebruikt door de Rooms-Katholieke Kerk en het zijn de
kleuren van de Tempel-ridders. Op de witte kwartieren staan 2x4
kruizen. Deze verwijzen ook naar de RK-kerk. Maar er is meer. Dit
zijn geen doorsnee kruizen, maar het symbool van, opnieuw de
Tempelieren. Deze symbolen, die je ook op andere plaatsen aantreft,
geven een bijzondere relatie aan tussen de stad en de fameuze
ridderorde.
Maar
er is meer.
De
Franse lelie (fleur de lis) is zes maal afgebeeld. Deze lelies
versterken, volgens de heraldiek, de andere afgebeelde symbolen. In
dit geval de Tempelieren-kruizen. Bijzonder, maar het wapenschild
onthuld nog meer.
Voordat
de “fleur de lis” meer decoratief werd gebruikt, was deze Franse
lelie het belangrijkste motief van de Merovingers, de eerste Franse
koningen-dynastie, die werd opgevolgd door de Karolingers (begin 8e
eeuw). Deze koningen hadden “helende handen” en ze worden in
verband gebracht met de bloedlijn van Jezus. Ook zouden deze
mysterieuze koningen in het bezit zijn geweest van de Heilige Graal,
een beker, die door Jezus zou zijn gebruikt tijdens het “Laatste
Avondmaal” en waarmee hij de wijn met zijn eigen bloed vergeleek.
Toeval,
maar volgens “croniquers” uit die periode, maakte de Heilige
Graal onderdeel uit van de fameuze Tempelierenschat!
Het
stadswapen van Harns kent sterke verwijzingen naar de
Tempelierenorde. Deze connectie blijkt ook uit de stadspatroon, de
beschermengel: de Heilige Michael. Deze aartsengel was een
“warrior-angel”; die uiteindelijk het Kwaad, in de vorm van
Satan, versloeg en naar een andere wereld hielp. Deze aartsengel werd
door de ridder-monniken vereerd en als voorbeeld gezien. Zijn strijd
in de hemel, was hun strijd om de bevrijding van het Beloofde Land
van het kwaad in de vorm van de volgelingen van Allah en zijn
profeet.
Blijft
de vraag, hoe en waarom de Tempelieren in Harlingen verschenen en
zulke sporen hebben nagelaten.


vrijdag 23 december 2016
EEN ANDERE KIJK OP HARLINGEN
OP ZOEK NAAR DE VERDWENEN TEMPELIEREN-SCHAT
het Wapen van Harlingen door Situ Harns
...
OP ZOEK NAAR DE VERDWENEN TEMPELIEREN-SCHAT
het Wapen van Harlingen door Situ Harns
...
Al eeuwen wordt er gespeculeerd over en gezocht naar de fameuze helaas verdwenen Tempelierenschat. Diverse plekken, van Engeland, Amerika tot China, lijken ervoor in aanmerking te komen. De schat bestaat uit goud en andere edelmetalen, juwelen en kostbaarheden. De Ridders van de Tempel hadden een belofte van armoede afgelegd. toch was de Tempelieren Orde de rijkste partij in zogenaamde “ the dark ages”. Rijker dan de koningen in Europa en financiers van de talloze oorlogen en conflicten, die de vorsten en de adel onderling aangingen. Daarnaast zouden de ridders, tijdens hun verblijf in Jeruzalem, in het bezit zijn gekomen van mysterieuze, magische en spirituele voorwerpen, waaronder de “Heilige Graal”.
Researchers volgen de sporen, die deze “Ridders voor Christus”, hebben achtergelaten. Dit leidt hen onder andere naar Schotland en vooral Roslynn-chapel. Hier zou de schat van de Tempelieren zijn verborgen en zelfs al gelokaliseerd. De beheerders van de kapel geven echter geen toestemming om te gaan graven.
Een andere kandidaat is Oak-island (Nova Scotia, Canada)), waar al sinds 1795 wordt gegraven, nadat 3 jongelui op een opvallende plek waren gaan graven. Ze vonden een aantal houten plankieren, maar de bodem van deze “money-pit” is nog steeds niet bereikt. Eens dacht men er dichtbij te zijn, maar de volgende ochtend had de schacht zich gevuld met water. Tot nu toe, ondanks de inzet van duikers, is er nog geen schat naar boven gebracht. Ook zijn er geen voorwerpen gevonden, die met de Tempelieren in verband kunnen worden gebracht.
Dat geldt echter niet voor het stadswapen van Harlingen.
Researchers volgen de sporen, die deze “Ridders voor Christus”, hebben achtergelaten. Dit leidt hen onder andere naar Schotland en vooral Roslynn-chapel. Hier zou de schat van de Tempelieren zijn verborgen en zelfs al gelokaliseerd. De beheerders van de kapel geven echter geen toestemming om te gaan graven.
Een andere kandidaat is Oak-island (Nova Scotia, Canada)), waar al sinds 1795 wordt gegraven, nadat 3 jongelui op een opvallende plek waren gaan graven. Ze vonden een aantal houten plankieren, maar de bodem van deze “money-pit” is nog steeds niet bereikt. Eens dacht men er dichtbij te zijn, maar de volgende ochtend had de schacht zich gevuld met water. Tot nu toe, ondanks de inzet van duikers, is er nog geen schat naar boven gebracht. Ook zijn er geen voorwerpen gevonden, die met de Tempelieren in verband kunnen worden gebracht.
Dat geldt echter niet voor het stadswapen van Harlingen.
De nieuwe koning
Op mijn tweede trektocht in de Himalaya ontmoette ik een wat oudere gids, die onze “track” begeleidde. Omdat we alle twee van een gemoedelijk tempo hielden, liepen we in de loop van de dag gezamenlijk achteraan. Hij was trots op de schoonheid van zijn land en omdat ik, in zijn ogen, oprecht geïnteresseerd was in zijn land, vertelde hij me onderweg verhalen over heilige bergen, wraakzuchtige goden en verborgen valleien. Op een avond vroeg ik hem naar de betekenis van de politieke graffiti op de huizen. Omstandig begon hij me de tegenstellingen uit te leggen tussen etnische groepen, kasten en westerse invloeden. Maar de belangrijkste oorzaak van de problemen waar Nepal voor stond, was, naar zijn mening, de veranderde rol van de koning. “Ik heb de oude koning nog gekend. Hij bezocht zijn hele rijk … te voet! Er was geen dorp of tempel, die hij niet kon bereiken. Door zijn reizen en zijn gesprekken met gewone mensen, was hij in staat om eenheid te behouden. Nepal ligt ingeklemd tussen China en India en verdeeldheid zou het kwetsbaar maken.” Hij legde wat houtsplinters op het vuur. “Zijn zoon brak met die gewoonte. Hij wenste als vorst rondgedragen te worden en omdat het vervoer met een draagstoel erg veel organisatie vroeg en veel mankracht behoefde om deze mobiele troon de bergen op en af te dragen, bezocht hij vooral de steden in de Centrale Vallei. Het gevolg was, dat de koning Kathmandu amper meer verliet en daarom geen voeling meer had met het wel en wee van zijn onderdanen. In ieder geval veel minder dan zijn geliefde vader.” Hij greep een talisman, die om zijn nek hing en prevelde een tijdje voor zich uit. “En dan hebben we nu een nieuwe koning. Deze gaat met de moderne tijd mee en legt al zijn bezoeken af … per helikopter!” Zijn boodschap was mij duidelijk. Tijdens een dynastiek koningschap, doen zich ontwikkelingen voor, die tot de uiteindelijke ondergang zullen leiden. Oorzaak de totale vervreemding van de “driedimensionale” wereld, die ons wel en wee bepaal
Ik bezocht Nepal in de tachtiger jaren. In de jaren daarna eer-den de interne spanningen van de, omvangrijke, koninklijke familie de kroonprins te veel. “In een vlaag van verstandsverbijstering” maaide hij zijn ouders met een machinegeweer neer, doodde en verwondde een groot aantal omstanders. Zelf kwam om het leven in een vuurgevecht met de toegeschoten paleiswachten. donderdag 22 december 2016
GESCHIEDENIS
VAN HARLINGEN (regio)
GRUTTE
PIER
Pier
Gerlofs Donia, bijgenaamd Grutte Pier (Greate Pyr, Kruis der
Hollanders), werd omstreeks 1480 geboren in Kimswerd (onder
Harlingen) en overleed op 28 oktober in Sneek. Zoals zijn naam al
doet vermoeden, was Pier een boom van een kerel. In ieder geval
langer dan
twee
meter. Pier had een boerenbedrijf, waar hij samen met zijn vrouw,
zoon Gerloff en dochter Wobble woonde.
In
1498 wordt de Saksische (Duitse) Albrecht III gouverneur van
Friesland. De Friezen namen hem niet serieus, wat Albrecht niet
zinde.
In
1515 wordt de boerderij van Pier door Saksische huurlingen, geholpen
door Hollandse troepen, platgebrand. Daarbij kwamen de vrouw en de
zoon van Pier om.
Grutte
Pier zon op wraak en kocht daarvoor een zwaard. Een wapen, dat even
lang was als hijzelf. Het zwaard kon alleen met twee handen worden
gehanteerd, een zogenaamd “bijdehandje”. Pier verzamelde een
legertje van Friezen, geboefte en huurlingen, die door de hertog van
Gelre werden geleverd, om zich heen. Op zijn hoogtepunt gaf hij
leiding aan 4000 man en de “bende” kreeg de naam “Arumer Zwarte
Hoop”. Ze werden ook wel de Gelderse Friezen genoemd, vanwege de
huurlingen. Veel Friese leden kwamen uit Arum. De naam Zwarte Hoop is
mogelijk een verwijzing naar de Zwarte Hand. Zo werden de plunderende
Saksisch-Hollandse troepen genoemd.
De
troepenmacht van Grutte Pier was zowel op het land als op zee actief.
Bij hun grootste zeeslag werden 28 Hollandse schepen veroverd en 500
bemanningsleden zonder pardon overboord gezet. Volgens de
overlevering werd genade gegeven aan gevangenen, die het zinnetje
“Buter, brea en griene tsiis, wa't dat net sizze kin, is gjin
oprjochte Fries” zonder accent konden uitspreken. Het eerste
appeltje dat Pier te schillen had, was met de graven van Holland.
Medemblik werd grotendeels in de as gelegd. Onderweg naar Alkmaar
werden een aantal dorpen veroverd en vielen de burchten Nieuwbouw en
Middelburg.
Na
een paar jaar hield Pier het voor gezien. Hij gaf het bevel van zijn
troepen over aan Wijerd Jelckama. Maar zonder de bezielende leiding
van Pier, ging het snel bergafwaarts met de Arumer Zwarte Hoop.
Jelckama werd gevangen genomen en in 1523 in Leeuwarden onthoofd.
dinsdag 20 december 2016
Abonneren op:
Posts (Atom)
